Wim Keyaerts Erasmushogeschool
Verhaal

Sterkere lerarenopleiders, straffere stagiairs

Bron: Klasse

Lerarenopleider Wim Keyaerts wil student-leraren effectiever laten lesgeven en hun eigen lespraktijk kritischer laten onderzoeken. Daarom volgt hij zelf de nieuwe ‘Opleiding voor lerarenopleiders’. Waar hij zelf anders leert lesgeven en stages begeleiden.

Wim Keyaerts: “Ik werd gevraagd als lerarenopleider na mijn eigen SLO-opleiding als leraar aan de VUB. Maar ik was daar helemaal niet specifiek voor opgeleid.” Wim heeft als licentiaat economie een loopbaan in de privé achter de rug. Hij maakt nu een evolutie door op de werkvloer als lerarenopleider aan de Vrije Universiteit Brussel en Erasmushogeschool Brussel. Hij heeft veel steun aan collega’s en het werkveld. In zijn vrije tijd neemt hij vakliteratuur door. “Maar de nood aan verdieping, inzicht en onderzoek naar mijn eigen praktijk bleef knagen.”

Hoe kwam je bij de opleiding voor lerarenopleiders?

Wim Keyaerts: “Die nieuwe opleiding startte vanuit de Vereniging voor Lerarenopleiders Vlaanderen (VELOV) in samenwerking met alle Vlaamse uniefs en hogescholen. Ik tekende in op een interne kandidaatstelling voor deze opleiding op de Erasmushogeschool en kon snel daarna samen met een collega van EhB van start gaan. Ze is een platform voor professionalisering en wil de lerarenopleider als apart beroep ondersteunen en positioneren.”

“Ik wil mijn interpretatiekader verdiepen, maar evengoed zelf onderzoek doen naar het effect van wat ik doe in de les. Alle cursisten staan al in de praktijk als lerarenopleider. Ze brengen hun visie en ervaring mee naar de les. We werken aan 5 opleidingsonderdelen die we flexibel inplannen: professionaliteit van de lerarenopleider, begeleiden van reflectief ervaringsleren, samenwerking en organisatie, curriculumontwikkeling en praktijkonderzoek. We werken met een online feedbackplatform voor opdrachten en komen 4 tot 5 keer per semester samen voor intervisiemomenten met eigen cases.”

Breng je die manier van werken ook tot bij je studenten in de lerarenopleiding?

Wim Keyaerts: “We transfereren de inzichten uit de Opleiding voor Lerarenopleiders meteen naar onze praktijk. Als lerarenopleider hebben we een voorbeeldfunctie in onze praktijk van lesgeven, begeleiden, evalueren en innoveren.”
“Als lerarenopleider werk je met studenten die bij aanvang van hun studies al minstens 12 jaar ‘ervaringsdeskundige’ zijn, als leerling dan. We laten ze hun persoonlijke ervaringen beschrijven en interpreteren. En laten ze de overtuigingen die ze daaraan koppelen in vraag stellen.”

“Het is essentieel dat we bekwame en kritisch-reflectieve leraren opleiden. De focus ligt op leren vanuit theoretische referentiekaders en eigen authentieke praktijkervaringen in en samen met het werkveld. We verdiepen en verbreden die leerervaringen door de studenten er systematisch in groep over te laten reflecteren.”

Wat is voor jou het sterkste moment dat je meeneemt uit je opleiding?

Wim Keyaerts: “De intervisiemomenten. Dan luister je aandachtig naar het verhaal van je collega’s. Je volgt 5 mensen gedurende je hele opleiding. Daardoor leer je ze echt kennen, weet je wat hun achtergrond is en kom je achter het verhaal achter hun verhaal. Je observeert ook de evolutie die ze doormaken tijdens hun studietijd. Elke deelnemer behandelt zijn unieke case. Stelt zich kwetsbaar op. Op die momenten merken we dat we allemaal zoekende zijn, continu dingen uitproberen, slagen, mislukken en doorgaan. En dat we bijna allemaal bewegen binnen dezelfde spanningsvelden (zie kader hieronder). Na zo een intervisiemoment vertrekt iedereen met hernieuwde inspiratie en energie. We delen wat we leren ook met de collega’s op onze eigen onderwijsinstelling.”
 

Wat haal je uit de opleiding waardoor je toekomstige leraren sterker maakt?

Wim Keyaerts: “Ik werkte hard aan de manier waarop ik studenten begeleid tijdens hun stages. Want dat is een belangrijk onderdeel van mijn opdracht aan de EHB en VUB. Ik schreef alle stappen op die ik zet tijdens een stagebegeleiding. Hoe bereid ik zo een evaluatiegesprek voor? Hoe begroet ik de student? Hoe organiseer ik mijn observatie? Hoe omschrijf ik de evolutie van die student? Hoe link ik de sterke praktijk en de groeipunten van die stagiair aan de theorie die hij zich eigen moet maken?”

“Onze docent Geert Kelchtermans noemt dat de positioneringstheorie. Waar ik mezelf aanvankelijk positioneerde als expert in mijn vak en al vrij snel overging tot advies geven en verbeterpunten aanstippen, evolueerde ik eerst naar een stagementor die de leefwereld van de student als vertrekpunt neemt en waarderend werkt. Ik stelde sindsdien vragen als: hoe heb jij deze les beleefd? Wat zijn je gevoelens daarbij?”

“Maar dat was nog niet exact wat ik zocht. Ik ging verder op zoek naar welke coachingsvragen relevant zijn voor de groei van de student. Ik richt mijn vragen nu zo dat die via kritische zelfreflectie tot acties en verandering komt. Dat hij nieuwe zaken uitprobeert. Ik ga op zoek naar hoe ik de autonome motivatie van de student kan triggeren. Dat is voor elke student uniek. Erg boeiend. Maar soms moet je ook de reflex ‘goed is goed genoeg’ maken. Want je kan daar eindeloos in doordraven.”

“De manier waarop je jezelf positioneert, heeft invloed op hoe de student zich gedraagt. Volgt je student klakkeloos op wat de alleswetende lector vraagt? Of wacht die rustig af tot er een instructie volgt? Ik heb graag dat mijn studenten een onderzoekende houding aannemen: Wat gebeurt er in mijn les? Welk effect heeft dat op mij? En op mijn leerlingen? Wat zit daar nu onder? Wat houdt me tegen om hier iets aan te veranderen? Wat ga ik testen en anders doen? Welk effect heeft mijn ingreep gehad? Dus gedraag ik me zelf ook zo als ik lesgeef. Ik wil dat mijn studenten zelf op zoek gaan naar antwoorden.”

In je opleiding zit ook een onderdeel ‘praktijkonderzoek’. Maar de leraar als onderzoeker, is dat niet te veel gevraagd?

Wim Keyaerts: “Niemand is verplicht om zijn eigen werking te onderzoeken. Maar als je het doet, groei je enorm. Ik werk als opleider samen met Onderzoekende School!? Dat is een initiatief van de VUB lerarenopleiding waarbij 2 à 3 studenten, een lerarenopleider, een coach en een aantal leraren van een bepaalde school kijken naar de specifieke context rond leren en welbevinden van die school. We werken volgens een wetenschappelijke onderzoekscyclus en gaan het effect na van hoe we lesgeven.”

“In het Meertalig Atheneum in Woluwe bijvoorbeeld consulteerden we experts en voerden literatuuronderzoek en focusgroepen uit rond betrokkenheid bij Nederlands. We lieten leerlingen uit het vierde jaar secundair voorlezen aan kleuters. We merkten dat het voor hen niet bij gewoon voorlezen bleef, maar een totaalervaring werd. Op dat moment geef je niet gewoon je les, maar onderzoek je dus ook of jouw ingreep impact heeft. Als dat je motivatie niet verhoogt?”
 

Jullie werken ook rond de spanningsvelden die prof. Amanda Berry bestudeert. Met welke word jij geconfronteerd?

Wim Keyaerts: “Ik heb er 3 geselecteerd waar ik nu aan werk. Telling vs growth is de eerste. Sta ik zelf als expert naast de studenten of laat ik hen zelf groeien, reflecteren en onderzoeken? Daarnaast ben ik me bewust van Confidence vs uncertainty. Durf ik mijn eigen praktijk in vraag stellen of werk ik meer vanuit mijn veilige omgeving waarin ik me zelfzeker voel en weet dat ik alles beheers?”

“Als laatste merk ik dat ik beweeg in het spanningsveld Planning vs being responsive: ga je strikt je leerplan volgen of ga je inzoomen op wat studenten aanbrengen, verhalen of commentaren die ze delen rond de les. Je hebt binnen alle spanningsvelden telkens beide polen nodig om de sterkste leerervaringen te kunnen bieden. Je herpositioneert jezelf telkens naargelang de specifieke behoeften van je studenten.”
 

Hoe anders ga je lesgeven als je afstudeert?

Wim Keyaerts: “Ik ga niet ‘anders’ lesgeven als ik hier binnen een jaar afstudeer. Maar ik heb dan wel een dieper inzicht in hoe ik les wil geven. En in hoe we leraren in spe zo sterk mogelijk opleiden. Maar ik wacht niet tot ik mijn diploma heb. Ik deel wat ik vandaag leer al met de mentoren op schoolbezoeken, de collega’s op de lerarenopleiding en met de studenten in de les. Ik vorm graag een brug tussen de scholen en de opleiding.”

Share this