Niet alleen de studenten-in-spe (m/v) hebben vragen, maar ook de ouders. Op deze pagina bundelen we enkele webpagina's die ook voor u interessant zijn. Want er is de laatste jaren bijzonder veel gewijzigd in het hoger onderwijs, waardoor de vergelijking met vroeger vaak totaal niet meer opgaat.
- Het leerkrediet
- Bachelors en masters
- En wat zijn studiepunten?
- Flexibilisering en begeleiding
- Wat kost de opleiding?
- Inschrijven
- Wat kunt u nog betekenen voor uw kind?
- Brussel en het kotleven
- De toekomst van onze academische hogeschoolopleidingen (adacemiejaar 2013-2014)
- Veelgestelde vragen
- Bijkomende nuttige links
Het leerkrediet
Wist u dat de studententijd door de overheid beperkt wordt? Met het zogenaamde leerkrediet (sinds 2008) krijgen de studenten een voorraad studiepunten, die ze mogen opmaken aan opleidingen. Onderweg kunnen ze punten bijverdienen, maar eens ze op zijn wordt studeren (in theorie) duurder. Het systeem werd opgestart om studenten aan te moedigen goed na te denken over de studiekeuze en om - uiteraard - daarna hard te studeren.
Bachelors en Masters
Ook relatief recent is de introductie van het Bachelor-Mastersysteem. Dit vervangt termen zoals graduaat, regent, kandidaat of licentiaat. Er zijn twee soorten bachelors: professionele aan de hogescholen en academische die zowel aan hogescholen als aan universiteiten gevolgd kunnen worden. Een master kun je starten nadat je een academische bachelor afgerond hebt. Een bachelor behelst 180 studiepfunten, een master gaat van 60 tot 240 studiepunten. Een modeljaar bestaat uit 60 punten, dus een bacheloropleiding duurt dan drie jaar, een master een tot vier. Voor studenten met een professioneel diploma, zijn er vandaag de dag veel meer mogelijkheden om alsnog een academische master te behalen, ze kunnen dan bijvoorbeeld een schakeljaar volgen.
En wat zijn studiepunten?
Een studiepunt staat gelijk met 25 à 30 uur studieactiviteit. Elk opleidingsonderdeel (vak) wordt vertaald naar het aantal studiepunten, dus hoe hoger de punten, hoe zwaarder het vak. Je leest dit soort informatie in de ECTS-fiches van de vakken.
Een student is trouwens geslaagd fvoor een opleidingsonderdeel als hij 10/20 behaalt. Behaalt men voor elk opleidingsonderdeel van het jaarprogramma minstens 10/20, is de student geslaagd. Heeft men evenwel tekorten, dan gelden er specifieke voorwaarden. Die staan in de reglementen.
In het huidige onderwijssysteem wordt het jaarprogramma in twee semesters opgedeeld, dus met een extra examenperiode in januari. De meeste opleidingsonderdelen van het eerste semester worden afgerond voor de wintervakantie. Haalt men tijdens deze zittijd een onvoldoende, dan wordt dat opleidingsonderdeel meteen doorgeschoven naar de tweede zittijd (in augustus-september). In juni volgen dan de examens van het tweede semester.
De introductie van dit nieuwe onderwijssysteem heeft zoals u merkt heel wat nieuwe termen met zich meegebracht. Hier vindt u een ABC van het hoger onderwijs dat een en ander verklaart.
Flexibilisering en begeleiding
In het onderwijs is sinds de introductie van bachelors en masters ook de 'flexibilisering' ingetreden. En dat is voor ouders best interessant om te weten. Een student kan afstappen van het modeltraject van een jaar, en flexibel met de vakken omgaan. Als hij bijvoorbeeld na het eerste jaar niet geslaagd is voor een aantal vakken blijft hij niet langer zitten ('bissen'), maar kan hij al vakken van het tweede jaar starten, terwijl hij de gebuisde vakken herneemt. De student lijkt dan in het tweede jaar te zitten, maar dat klopt dus niet helemaal.
Flexibel studeren gaat ook over studeren met een functiebeperking, als topsporter of als werkstudent. Een aantal opleidingen bieden de formule Talenttraining aan, waarbij 60 studiepunten worden verdeeld over twee jaar en aangevuld worden met studietechnieken, extra Nederlands, ...
Natuurlijk bieden we hulp aan bij dat soort beslissingen. Voor de student - en ook voor de ouder - is er heel wat begeleiding voorzien aan de Erasmushogeschool Brussel. Voor en tijdens hun studies kunnen zij met vragen over studiekeuze of opleidingstraject terecht bij de trajectbegeleiders. Voor hulp bij studievaardigheden of persoonlijke problemen zijn er de studentenbegeleiders. Voor hulp met het Nederlands biedt de hogeschool extra taalbegeleiding. Eerstejaars kunnen ook beroep doen op medestudenten via het tutoringproject. Tot slot is er voor geschillen in verband met rechtspositie de ombudsman van het departement.
De sociale voorzieningen van de Erasmushogeschool Brussel worden geregeld door Stuvo EhB. Daar kunt u en uw zoon of dochter terecht voor vragen over studiebeurzen maar ook voor psychosociale begeleiding.
Wat kost de opleiding?
Hoeveel u betaalt, hangt af van de het soort contract dat de student afsluit met de hogeschool. Komt hij recht van het secundair onderwijs, dan wordt het wellicht een diplomacontract en volgt men het modeltraject. Als enkel bepaalde opleidingsonderdelen de interesse wekken, kan men zich inschrijven met een creditcontract. Voor elk opleidingsonderdeel dat succesvol wordt afgelegd, krijg men dan een creditbewijs. Wil de student enkel examens afleggen over een opleidingsonderdeel, dan kan hij zich inschrijven met een examencontract. Klik op de term om telkens de kosten van de contracten te kennen. Antwoorden op een heel aantal vragen over hoeveel het kost om te studeren, vindt u op de website 'Centen voor studenten'.
Inschrijven
De officiële inschrijving gebeurt nadat de student zijn diploma van het Secundair Onderwijs heeft ontvangen. Voordien dient hij zich al elektronisch in te schrijven (dit kan vanaf +/- mei 2011). Dat bespaart u tijd als u ter plaatse komt. Check wel voordien de openingsuren van het departement in kwestie, want wij sluiten enkele weken in de zomerperiode. Wat u verder nog moet meenemen leest u hier.
Wat kunt u nog betekenen voor uw kind?
Met betrekking tot het studiekeuzeproces kunt u uiteraard uw zoon of dochter begeleiden. Bijvoorbeeld door een bezoek te brengen aan de SID-in-dagen die de overheid organiseert in januari-februari. Daarna moet u zeker op een infodag langsgaan die de opleidingen zelf organiseert. Natuurlijk moet de student kiezen vanuit zijn 'goesting' en ervaring. Hij moet zich bijvoorbeeld volgende vragen stellen: wat doe ik graag?, waar was ik goed in?, studeer ik graag? heb ik de goede vooropleiding? U kunt hem daarin steunen.
Als u samen twijfelt over hogeschool of universiteit, dan is men vandaag de dag vaak voorstander van het zalmprincipe, waarbij men met een haalbaar diploma begint om daarna verder 'omhoog' te studeren voor bv. een master. Dit is het tegenovergestelde van het watervalprincipe, waarbij een jongere te hoog grijpt, jaren (en leerkrediet) verliest en misschien ook de moed nadien om opnieuw met iets anders te starten. Praat hierover op zo'n infodag, samen kunt u dan de concrete situatie van uw kind bespreken.
Brussel en het kotleven
We kunnen er niet omheen, Brussel is niet de meest populaire stad van België. Vlaanderen vergeet al eens dat Brussel haar hoofdstad is en Wallonië eigent het zich dan weer iets te enthousiast toe. De waarheid ligt in het midden. Brussel is een boeiende studentenstad met een levendige Vlaamse jongerenscene. Geholpen door Brik, het Rits Café en alle andere sociaal-culturele partners is er bijzonder veel te beleven en vinden de studenten van àlle onderwijsinstellingen zich echt wel terug in deze grootstad. De ene wijk is al aangenamer dan de andere, dat klopt, maar studenten zijn heus verstandig genoeg om daarmee om te gaan en probleemsituaties te herkennen. Natuurlijk doen zij daarbij ook een beroep op de ervaring van hogerejaars.
En ja, er wordt best veel Frans gesproken. Maar ook Engels en Spaans en Arabisch en Duits en Pools. Het is tenslotte echt wel een draaischijf in Europa. En bedenk welke voordelen dat heeft voor de stages, eindwerken of vriendenkring!
Voor het vinden van een kot doet u best een beroep op de databank iKot van Brik. Begin er tijdig aan, want de beste koten zijn natuurlijk het snelst verhuurd. En dat Brussel een fractie duurder is dan Gent of Leuven, dat moeten we toegeven, maar het is echt niet zoveel als de pers af en toe doet uitschijnen. Reken op een 260 euro per maand.
De toekomst van onze academische hogeschoolopleidingen
Onze academische opleidingen Toegepaste Taalkunde (Vertalen, Tolken, Journalistiek), Industriële Wetenschappen en Stedenbouw & Ruimtelijke Planning integreren bij de start van het academiejaar 2013-2014 in de Vrije Universiteit Brussel.
Veelgestelde vragen
Hier vindt u nog een lijsje met (soortgelijke en andere) veelgestelde vragen.
